Onder meer door de uitvinding van de boekdrukkunst waarmee de mogelijkheid ontstond om op grote schaal ideeën uit te wisselen, begonnen steeds meer mensen zich te verzetten tegen het fenomeen van parasitaire monarchen zoals beschreven in mijn vorige column. Verenigd in steden wierpen zij het juk van deze leiders van zich af en kwamen weer tot een min of meer democratische vorm van lokaal (zelf-)bestuur met leiders die uit hun midden waren gekozen op basis van hun leiderschapskwaliteiten. Onder de gedwongen afdracht van belastingen kwamen ook deze steden echter nog niet uit.
Er ontstonden revoluties waarbij koningen en keizers werden gedwongen af te treden of, zoals in Nederland, toe te staan dat er verkozen volksvertegenwoordigingen werden ingesteld. Er werden grondwetten geschreven die de republieken of constitutionele monarchieën een raamwerk gaven waarmee willekeur van de leider enigszins werd gekaderd.
Ook dit systeem bleek echter niet bestand tegen de drang van enkele elitaire figuren om te willen heersen over de massa en in plaats van een bijdrage te leveren alleen maar waarde te onttrekken aan de productie van de onderklasse. Waar men voorheen een onderdaan was van de koning, was men nu verworden tot een burger. Waar voorheen de koning zich verrijkte, kreeg men nu het fabeltje voorgehouden dat men een bijdrage leverde aan de gemeenschap door belasting te betalen.
Maar ook in dit nieuwe systeem bestaat er geen wezenlijk verschil tussen afgeperst worden door de maffia of onder dwang een bijdrage te moeten leveren aan de staatskas. En net zoals de maffia zelf beschikt over waar het afgeperste geld blijft, zo heeft de burger ook geen inspraak in hoe het belastinggeld wordt uitgegeven.
In theorie zijn het onze ‘leiders’, als je ze zo mag noemen, die door ons uit ons midden verkozen zijn die sturing geven, richting geven aan het land. Maar in de praktijk blijken die leiders een soort van tweedehands autoverkopers te zijn, wiens taak het is om aan de burgers uit te leggen dat wat ergens in internationale overlegorganen als het World Economic Forum, de Bilderberggroep of nog veel schimmigere organisaties als de Trilateral Commission of the Chatham House is besloten, toch echt iets is waar de burgers zelf in vrijheid voor hebben gekozen. En dat het in het belang van de burgers is dat de ‘leiders’ ons die richting in sturen.
Maar steeds vaker wordt zichtbaar dat er geen enkel verschil is in de richting, geen landelijke variatie op waar de burgers heen geleid worden. De wereldwijde, gecoördineerde reactie op Covid-19 is een sprekend voorbeeld hiervan. Mondkapjes, hoewel erkend werd dat ze niet werkten, werden overal verplicht gesteld. In de enkele landen die afweken van de norm, zoals Tanzania waar een geit, een papaya en een kwartel positief getest werden om de onzin van de PCR test aan te tonen, werd de leider omgebracht. En als er geen verschil is, dan is er dus ook geen sprake van invloed op beleid door de burger, of zelfs maar door de leiders.
Nee, echt leidinggeven doen ze niet, die ‘leiders’ van ons. Ze voeren slechts uit wat een onzichtbare macht op ondemocratische wijze heeft besloten. Eigenlijk past het woord misleiders beter bij wat zij werkelijk zijn.









Laat een reactie achter